College van Burgemeester en Wethouders
                              Postbus 10153
                              5100 GE Dongen


Dongen, 7 februari 2016

Betreft : reactie t.b.v. Woonvisie Dongen


Geacht college,
Graag wil de Seniorenraad Dongen haar bijdrage leveren aan de totstandkoming van de Dongense Woonvisie 2016-2020.

Regionaal Woonkader
Een belangrijk referentiekader voor de nieuwe Dongense Woonvisie is het Regionaal Woonkader zoals dat op 10 december 2015 door het PoHo ROV is vastgesteld.


Uit de analyse die in dit stuk wordt gegeven over de woningbouwsituatie distilleren wij enkele punten die voor de woonvisie, specifiek voor dat deel dat gericht is op ouderen, naar onze mening van belang zijn:

"  Geconstateerd wordt dat er de komende jaren sprake is van een forse vergrijzingsgolf; de vraag naar voor ouderen geschikte woningen neemt fors toe.
" De toestroom van verblijfsgerechtigden vergroot de behoefte aan goedkope huurwoningen.
" Ook de extramuralisering in de zorg vergroot de urgentie ten aanzien van de beschikbaarheid van goedkope huurwoningen.
" De bestaande plannen bieden teveel van hetzelfde: te veel dure koopwoningen.
Er is te weinig rekening gehouden met de demografische ontwikkeling.
  Deze plannen hebben ook te weinig bijgedragen aan de versterking van de kwaliteiten van de afzonderlijke gemeenten en kernen.
" De huisvestingsvraag van de groep ouderen is meer gedifferentieerd geworden.
In het algemeen vinden wij dat het Regionaal Woonkader een goede analyse geeft van de woningbouwsituatie nu en de aanpak voor de toekomst.
Voor onze doelgroep is het uiteraard dan wel van belang dat de bovengenoemde punten in de Dongense Woonvisie een goede vertaling krijgen zowel qua beleid als de uitvoering daarvan.
In het onderstaande gaan wij daar verder op in.

Kwantitatieve behoefte ouderenhuisvesting
Naar onze mening moet de planning en realisatie van de woningbouw in Dongen gebaseerd zijn op de werkelijke behoefte aan huisvesting, in het kader van deze reactie meer in het bijzonder ouderenhuisvesting.
Voor zover wij hebben kunnen overzien is die werkelijke behoefte ten behoeve van de totstandkoming van de nieuwe woonvisie (nog) niet in kaart gebracht.
Er is ons in ieder geval geen recent onderzoek daarnaar bekend.
Ook het Woningbehoefteonderzoek Smart Agent van september 2014 geeft geen duidelijk inzicht in de behoefte van ouderen aan nieuwe huisvesting.
Het ontbreken van een actueel onderzoek naar de huisvestingsbehoefte van ouderen maakt het moeilijk, zo niet onmogelijk, om in deze reactie die behoefte cijfermatig te onderbouwen.
Onze reactie is daarom grotendeels gebaseerd op praktische kennis van de behoefte aan ouderenhuisvesting, gebaseerd op onze kennis van de doelgroep.
En daarnaast op meer algemene onderzoeken van organisaties als Binnenlands Bestuur, Aedes-Actiz-Kenniscentrum Wonen-Zorg, Vereniging Eigen Huis (VEH) en Interpolis (i.s.m. Mezzo en Motivaction).
In de huidige Woonvisie Dongen 2011-2021 zijn in hoofdstuk 5 wel kwantitatieve gegevens opgenomen, gebaseerd op Woon2009.
Gelet op de ontwikkelingen na 2009, bijvoorbeeld op het gebied migratie, demografie en zorg, zijn de daarin genoemde cijfers naar ons oordeel achterhaald.
Ouderen in Dongen zijn, zoals onderzoeken ook aangeven, tevreden tot zeer tevreden over Dongen als woonplaats.
Daarbij moet wel worden aangetekend dat er over het algemeen een sterke gebondenheid gevoeld wordt met de wijk of de kern waar men woont.
Eventuele nieuwe huisvesting wil men bij voorkeur betrekken binnen de wijk of kern waar men woont.
Opvallend is dat met enige regelmaat de gebrekkige verbinding met openbaar vervoer als aandachtspunt genoemd wordt tussen Dongen en Rijen (station).
Hoewel ouderen het liefst zo lang mogelijk thuis willen blijven wonen, bestaat er brede zorg over de beschikbaarheid van andere huisvesting als dit niet meer mogelijk is.
Men vreest, en naar onze mening terecht, dat het aanbod aan nieuwe huisvesting voor ouderen de komende jaren volstrekt onvoldoende zal zijn.
Als redenen worden aangegeven:
" Het aantal ouderen neemt de komende jaren fors toe en op termijn dus ook de behoefte aan nieuwe huisvesting;
" De weg naar opname in een bejaardentehuis is afgesloten;
" Mensen worden steeds ouder. Gecombineerd met de toename van ouderen zal de vraag naar aangepaste woningen fors stijgen.
Dergelijke woningen worden onvoldoende gebouwd.
Bovendien denken wij dat ouderen die op hoge leeftijd andere huisvesting zoeken, dat eerder in de huursector dan in de koopsector zoeken.
" Het is voor de zelfredzaamheid van ouderen van groot belang dat men in de buurt van hun kinderen kan (blijven) wonen of in dezelfde wijk of kern.
Door hun verminderde mobiliteit en steeds kleiner wordende sociale netwerk is men steeds meer aangewezen op hun kinderen en hun buurt.
Voorzieningen en winkels op loopafstand, goed openbaar vervoer en geschikte huisvesting ondersteunen ouderen om te voorzien in hun primaire levensbehoeften.
Nieuwbouwlocaties in Dongen worden niet of onvoldoende op deze behoefte afgestemd.
" Men vreest verdringing in de goedkope (huur)sector als gevolg van de toenemende migratie en de extramuralisering in de zorg.
Daarbij moet niet vergeten worden dat ook het rijksbeleid er op gericht is, dat ouderen zo lang mogelijk zelfstandig moeten blijven wonen en de regie over het eigen leven moeten blijven behouden, eventueel met behulp van het inschakelen van het eigen netwerk.
Huisvesting moet daarvoor toegerust zijn of eenvoudig aangepast kunnen worden.
Er bestaat de algemene opvatting dat ouderen er in financiële zin goed bijzitten.
Het idee is dan dat ouderen, als ze moeten verkassen, wel in staat zijn om een nieuwe woning te kopen.
Er zou daardoor meer vraag zijn naar koopwoningen dan naar huurwoningen.
Dat is slechts ten dele waar.
Er is een aanzienlijke groep ouderen met een inkomen, gebaseerd op AOW, al dan niet aangevuld met een klein pensioen.
Voor deze groep is geen koopwoning weggelegd.
Deze groep zal een toenemend beroep doen op de sociale huursector.
Ons advies is daarom: bouw meer woningen in de sociale huursector dan nu het geval is en zorg voor spreiding daarvan in de wijken en kernen van Dongen.
Concreet betekent dat dat het woonruimteverdeelsysteem dat door de gemeente gehanteerd wordt moet worden aangepast (30% sociaal-40% middelduur-30% duur).
Het lijkt ons logisch om het "sociale" gedeelte te verhogen ten koste van het "dure" gedeelte.
Ook het beleidsuitgangspunt dat de stichting van de sociale sector woningen niet wijk- of kerngebonden hoeft te zijn, zou wat ons betreft heroverwogen moeten worden.
Overigens kan het aanbod in de sociale huursector ook worden vergroot door scheefwonen zoveel mogelijk tegen te gaan.
In uw notitie over de opzet van de nieuwe woonvisie wordt de mogelijkheid van de inzet van een "doorstroommakelaar" genoemd.
Hoewel ons nog niet duidelijk is welke mogelijkheden dit biedt, lijkt het ons de moeite waard dit serieus te onderzoeken.
Los van de discussie over koop dan wel huur is er op dit moment een kleine - maar naar ons oordeel op den duur wel toenemende - vraag naar mantelzorgwoningen.
Woningen dus die gerealiseerd kunnen worden via aanbouw of uitbouw bij familieleden.
Wij pleiten er voor dat de gemeente ruimhartig om gaat met aanvragen daarvoor en zoveel mogelijk medewerking verleent aan het realiseren van deze categorie woningen, onder meer door regelgeving op dit punt te versoepelen.

Kwalitatieve behoefte aan ouderenhuisvesting
In het geval ouderen van woning willen of moeten heeft men behoefte aan woningen die hen in staat stellen zoveel mogelijk op eigen kracht deze bewoning te realiseren.
Velen hebben dan het oog op een patiowoning of een appartement, gelijkvloers met klein terras en weinig of geen tuin vanwege het onderhoud.
Daarnaast moet ook de woning zelf zijn aangepast bijvoorbeeld door het bouwen zonder drempels, met brede deuren en de toepassing van veiligheidseisen (handgrepen etc.)
Wij pleiten daarom voor toekomstgericht bouwen, dus met een lange termijn visie, waarbij bovenstaande aanpassingen worden gerealiseerd.
Ook pleiten wij er voor gebruik te maken van domotica-voorzieningen (eventueel met subsidie) en voor bestaande bouw voorzieningen als een traplift, aanpassing badkamer, realiseren slaapkamer beneden etc.
Daar valt ook het levensloop bestendig bouwen en het duurzaam bouwen onder.
Het levensloop bestendig bouwen kan overigens ook de doorstroming bevorderen.
In dit verband willen wij de relatie tussen wonen en zorg, meer specifiek het gemeentelijk woonbeleid en het gemeentelijk welzijnsbeleid c.q. WMO-beleid sterk benadrukken.
Voor ouderen is deze relatie uitermate belangrijk.
In de vorige (huidige) woonvisie is aangekondigd dat er een Integrale visie ingevolge het WMO-beleidskader zou worden opgesteld die bovengenoemde beleidsrelatie zou uitwerken.
Ons is op dit moment niet bekend of deze integrale visie inderdaad tot stand is gekomen, zodat wij die niet hebben kunnen toetsen aan de huidige situatie.
Ook gezien de beperkte tijd (2 weken) waarbinnen onze rverandereneactie op de nieuwe woonvisie gevraagd is.
Mocht die integrale visie er niet zijn dringen wij er sterk op aan deze alsnog op te stellen.
Als die er wel is zijn er naar ons oordeel genoeg ontwikkelingen om deze aan te passen.
Graag hopen wij ook dat de opmerking in de huidige woonvisie "De gemeente werkt bij bijzondere doelgroepen, net als bij ouderen, alleen mee aan nieuwe initiatieven als een behoefte uit de eigen gemeente kan worden aangetoond en als er geen beslag op WMO-middelen wordt gelegd" in de nieuwe woonvisie niet meer terugkeert.

De relatie tussen wonen en zorg krijgt wellicht ook gestalte door het Community Care project dat door de Stichting Maria Oord wordt gepropageerd.
Voor zover wij daarover informatie hebben gekregen zijn wij van oordeel dat project steun verdient.
De Seniorenraad Dongen heeft op korte termijn een overleg met dhr. A. Vlemmix van de Stichting.

Communicatie
Onlangs verscheen in Binnenlands Bestuur een artikel over de informatie die gemeenten geven over langer zelfstandig wonen.
Geconcludeerd werd dat de informatievoorziening daarover "ronduit slecht" was.
Gemeenten zouden nog te weinig doordrongen zijn van het feit dat ze taken van zorg en wonen in samenhang kunnen oppakken.
Of deze conclusie ook voor de gemeente Dongen geldt, hebben wij niet onderzocht maar feit is wel, dat wij van mening zijn dat de informatievoorziening over dit onderwerp nog veel beter kan dan nu het geval is.
Veel ouderen hebben bijvoorbeeld vragen over verhuismogelijkheden binnen Dongen maar zeker ook over de mogelijkheden die men heeft om een beroep te doen op de WMO en over de mogelijke eigen bijdragen die men dan zou betalen.
Overigens is de Seniorenraad Dongen ook bereid haar steentje bij te dragen aan deze informatievoorziening.

Woningtoewijzingssysteem Casade
Als ouderen een woning zoeken in de sociale huursector is men vooral aangewezen op het aanbod van Casade.
Men heeft dan één week tijd om te reageren.
Nog afgezien daarvan meldt Casade op haar website dat de gemiddelde wachttijd 4 jaar is.
Dat is zeker voor ouderen een veel te lange termijn.
Het toont ook aan dat de behoefte aan sociale huurwoningen groot is.
Wij zijn voornemens op korte termijn een gesprek met Casade te entameren waar dit één van de onderwerpen zal zijn, maar wellicht kan de gemeente dit onderwerp ook tijdens de prestatieafspraken aan de orde stellen.

Ten slotte.
In het Beleidsplan Wonen 2005-2015 wordt gesproken over een structureel overleg met de bij het woonbeleid betrokken partijen.
Of dit overleg inderdaad bestaat is ons niet duidelijk.
Voor zover dat wel het geval is zijn wij graag bereid aan een dergelijk overleg deel te nemen.
Graag hopen wij dat u deze reactie deel wil laten uitmaken van de Woonvisie Dongen 2015-2020.


Met vriendelijke groet
Namens de Seniorenraad Dongen



mr. L. Hamers
voorzitter